STAG Logo
.top-banner { background-image: url(/fileadmin/user_upload/images/banner-headers/fysieke-belasting.jpg); }

Dit doe je voor een organisatie

Ben je verantwoordelijk voor een goede aanpak van fysieke belasting binnen een hele organisatie, dan is het vooral zaak om een doordacht beleid in te richten. Er valt er veel te doen, maar je kunt ook veel voordeel behalen.

Fysieke belasting: aandachtspunten bij voorlichting en instructie

Het voorkomen van fysieke overbelasting vergt kennis en vaardigheden. Zorg dus dat alle betrokkenen hier geregeld voorlichting en instructie over krijgen. Hieronder vind je diverse aandachtspunten.

Sluit aan bij de doelgroep

Voorlichting en instructie hebben alleen het gewenste effect als ze goed zijn afgestemd op de doelgroep. Let in dit kader altijd op de volgende aspecten:

  • Kenmerken van de doelgroep. Inhoud en werkvorm moeten zijn afgestemd op de doelgroep. Met wat voor medewerkers heb je te maken? Waar zijn ze gevoelig voor, waar hebben ze juist een hekel aan?
  • Doel. Wat wil je bereiken? Wil je bijvoorbeeld vooral kennis of informatie overdragen, of streef je naar gedragsverandering?
  • Vertaling naar de werkpraktijk. Sta bij iedere instructie of voorlichting stil bij de vraag wat het geleerde of besprokene concreet betekent voor de dag van morgen. Besteed ook aandacht aan de vraag welke obstakels daarbij zijn te verwachten.
  • Werkvorm. Vraag je af wat het beste aansluit bij deze doelgroep en bij je doelstelling. Is dat bijvoorbeeld geschreven voorlichting of beeldmateriaal? Kun je medewerkers het beste groepsgewijs aan het werk zetten met een concrete opdracht, of vormt e-learning een goede oplossing?
  • Kies je voor e-learning? Bij fysieke belasting kan je dan bijna niet zonder ‘blended learning’. Combineer dus online training met een vaardigheidstraining. En vraag bijvoorbeeld medewerkers die op cursus gaan vooraf een e-learning te doen en het certificaat naar de cursus mee te nemen.  Kijk eens bij Free Learning [ maak link naar www.freelearning.nl ] voor interessante e-learning modules. Of onderzoek de mogelijkheden om via een eigen Learning Management Systeem e-learning aan te bieden.

Zorg voor herhaling

Het is belangrijk om kennis en vaardigheden geregeld op te frissen. Herhaal voorlichting en instructie dus geregeld. Benut natuurlijke momenten om zoals de komst van nieuwe collega’s om terug te grijpen op wat eerder al eens aan bod is gekomen. Betrek ervaren collega’s in zulke gevallen bij het instrueren van nieuwe aanwinsten.
In de toelichting op de BeleidsSpiegel vind je concrete aanbevelingen die zijn geaccordeerd zijn door de branche, sociale partners en overheid:

  • ‘Er is, gecombineerd met een training in het gebruik van hulpmiddelen, standaard één keer per jaar min- stens één dagdeel bijscholing nodig in manuele transfertechnieken voor medewerkers die zorg verlenen aan cliënten met fysieke ADL-beperkingen.’
  • ‘Er is, gecombineerd met een training in manuele tiltechnieken, standaard minstens één keer per jaar één dagdeel bijscholing nodig in het gebruik van (nieuwe) hulpmiddelen voor medewerkers die zorg verlenen aan cliënten met fysieke ADL-beperkingen.  

Schakel de ergocoach in

De ergocoach vervult een belangrijke taak door ‘on the job’ collega’s te informeren en instrueren. Lees meer over de ondersteuning die deze gespecialiseerde medewerker kan bieden én de ondersteuning die hij nodig heeft.

Maak duidelijk wat je van medewerkers verwacht

Besteed in de voorlichting en instructie niet alleen aandacht aan het ‘weten’, maar vooral ook aan wat er van iedere medewerker mag worden verwacht. Duurzaam inzetbaar blijven wordt in de gehandicaptenzorg in hoge mate bepaald door de mate waarin medewerkers in staat zijn lijf en leden heel te houden. De boodschap mag daarom luiden: ‘dit wordt er van je verwacht en omgekeerd kun je rekenen op steun van je organisatie’.

Vergeet flexkrachten en vrijwilligers niet!

Bij voorlichting en instructie focus je in de eerste plaats op de werknemers. Maar ook inhuurkrachten, stagiaires en vrijwilligers mag je niet vergeten. Zij lopen net zo goed risico!